Logboek archief:

• 2009
• 2008
• 2007
• 2006

• Adres en vaarroute    • De Rajac    • Bemanning    • Over Zeilmakerij Molenaar

Cabo Verde - 29 november 2006

Onze gids Hennie Kusters vertelt het verhaal over een Duits echtpaar van wie

de man vanwege 11 september niet naar New York op vakantie durfde, het werd de Kaap Verdische eilanden............. tijdens een zwempartijtje werd hij opgegeten door een haai........................Ik moet meteen denken aan het nummer “Ironic” van Alanis Morissette: ”Isn’t it ironic, don’t you think, it’s like rain on you’re weddingday, it’s a free ride when you’ve allready paid..............etc.

[Locatie: Porto do Tarrafal – Ilha de São Nicolau / Kaap Verdische eilanden    
Positie: 16°34'.00 N, 24°21'.50 W]

We liggen in de baai van Palmeira op het eiland Sal voor anker en zwemmen en snorkelen ons zoute lijf “schoon”. Diezelfde avond staan we op de kade en wordt ons afgeraden na zonsondergang nog te gaan zwemmen, dit vanwege de haaien die ’s avonds in grote getale in de haven aanwezig zijn.....oeps! Nachtzwemmen zit er voor ons dus helaas niet in..........................................

Na 800 mijl en 5,5 dag zeilen wanen we ons na de Canarische eilanden in een compleet andere wereld. We zijn beland op de Kaap Verdische eilanden (Cabo Verde – groene kaap), een van oorsprong vulkanische eilandengroep die bestaat uit 15 eilanden en op zo’n 500 km afstand ligt van de westkust van Afrika.


Fruit en groente te koop, schaars goed op de Kaap Verden

De oversteek van La Gomera naar de Kaap Verdische eilanden was er één uit twee delen; de eerste 400 mijl liepen we met een mooie noordoostenwind 4-5 als een tierelier. Daarna werden we getrakteerd op zware onweersbuien compleet met harde windstoten, horizontale regen en draaide de wind naar het zuidwesten. Ook met vissen zat het niet echt mee. Terwijl we de tweede dag onze eerst echte dorade van jawel 50 cm aan onze hengel binnenhaalden, had de volgende veel grotere dorade echt mazzel toen ie vlak bij de reling van de haak afviel en het hazenpad koos. Een dag later had een jonge meeuw erg veel pech door het aas van onze hengel, een rubberen inktvisje, aan te zien voor echt. Eenmaal binnengesleept had de meeuw helaas het loodje gelegd. En weer een dag later meende een joekel van een vis (waarschijnlijk tonijn) meer recht te hebben op ons inktvisje en ging er met haak en al vandoor. Dus als er iemand een tonijn met haak vangt.................. is ie van ons! Toen de buien uiteindelijk naar het westen wegtrokken draaide de wind naar het noordoosten terug en konden we weer genieten van de laatste 250 mijl. Want genieten tijdens zo’n oversteek is het zeker, de eerste twee dagen moet je nog even wennen aan de ploegendiensten van drie uur op drie uur af,  na 4 dagen ben je daaraan gewend en na 6 dagen wil je niet meer aan wal en zeil je het liefste gewoon lekker door.

Wij krijgen vaak de vraag wat er nu zo leuk is aan lange dagen op zee en of het niet verveelt. De dagen op zee vliegen voorbij, je loopt je wachtjes, checkt de weerberichten en gribfiles, leest een boek, vangt met een beetje mazzel een vis, trimt de zeilen, kookt, slaapt, praat via de kortegolf met medezeilers, lacht, schrijft, kletst en geniet van de zee, de opkomende en ondergaande zon, de prachtige sterrenhemel ’s nachts, dolfijnen die meezwemmen en vliegende vissen die soms met honderden tegelijk over het water en de boot scheren. Wat de zeilvoering betreft heb je daar met een beetje instabiel weer ook een dagtaak aan. Hoe vaak we niet midden in de nacht nog een rif moeten steken of eruit moeten halen vanwege toenemende en afnemende wind. Nee, van verveling hebben we geen last.

Wij gingen echter aan wal op Sal, uitgezonderd de twee stenen puisten van zo’n 500 meter hoogte aan de noordkant van het eiland, is het een eiland dat zo plat is als een pannenkoek en meer weg heeft van de Sahara dan de naam Cabo Verde doet vermoeden. Het eiland heeft prachtige stranden en een roodbruin ietwat heuvelachtig binnenland. Sal dankt haar naam aan de zouthandel die vroeger vanuit Sal werd gedreven. Met een pick up hebben we samen met Guido, Eveline en Fekke van La Barraka het eiland verkend, heeft Rolf nog een middag met Guido tussen de haaien gesurfd en hebben we kennis gemaakt met superaardige Kaap Verdianen. Het leuke is dat je op de Kaap Verdische eilanden met je nederlands aardig goed uit de voeten kan; veel Kaap Verdianen hebben in Nederland namelijk jarenlang in de haven van Rotterdam gewerkt of op de grote vaart gezeten en gewerkt voor Nederlandse rederijen. Kaap Verdianen ogen gelukkig ondanks het feit dat ze over het algemeen weinig hebben. Het gemiddelde maandloon van een Kaap Verdiaan ligt op circa 120 euro per maand.


Meisje en hond

In 1975 werd Kaap Verdië na 515 jaar Portugese kolonisatie weer zelfstandig. De mensen op de eilanden leven voornamelijk van de visserij en op de groenere eilanden ook van de landbouw zoals suikerriet, maïs, bananen en bonen. De grootste bron van inkomen is echter buitenlandse hulp zoals voedsel, educatie, hulp bij het bouwen van havens, ziekenhuizen en vliegvelden. Er zijn veel EU landen die een van de eilanden hebben “geadopteerd” en deze van bovengenoemde hulp voorzien.


Het groene eiland “Ilha de São Nicolau” tijdens onze prachtige wandeling naar Ribeira Brava
            
Na vier dagen Sal en een inmiddels flinke swell van twee meter op de ankerplek (veroorzaakt door een enorm groot lagedrukgebied boven de Noord Atlantische Oceaan) steken we over naar het veel groenere eiland “Ilha de São Nicolau”. Omdat het bijna 90 mijl varen is en wij gemiddeld circa 6 mijl per uur doen, vertrekken we eind van de middag en komen de volgende ochtend met licht aan. Op het eiland maken we samen met Guido, Eveline en Fekke een prachtige wandeling van een paar uur door de groene vallei naar Ribeira Brava, de hoofdstad van het eiland. Onderweg raken we met inwoners aan de praat, kopen we bij een vrouw die langs het weggetje zit een paar sinaasappels, bezichtigen we een schooltje en gaan uiteindelijk met een taxibusje langs de andere kant van het eiland weer terug.


We mochten even bij een schooltje binnenkijken en stonden oog in oog met 20 leerlingen, bom dia!


Zittend langs de weg verkoopt zij haar fruit, wij kopen voor 100 escudos (ca. 1 euro) 5 heerlijke sinaasappels, obrigada!


Tijdens onze wandeling door de groene vallei naar Ribeira Brava op Ilha de São Nicolau worden wij vergezeld door twee zusjes, die onderweg zijn naar school, “Femke en Jannette”

’s Avonds is het plan om bij Hennie Kusters te gaan eten, een Nederlander die al jarenlang het pension Casa Sitaquario runt. Het schijnt dat hij een van de beste keukens van de Kaap Verdische eilanden heeft en voor circa 8 euro p.p. een goede maaltijd biedt inclusief wijn en toetje. Dat laten wij ons niet twee keer zeggen en reserveren voor diezelfde avond. Helaas de wind gooit roet in het eten wanneer wij op onze ankerplek ’s avonds 45 knopen wind om onze oren krijgen. We besluiten af te zeggen maar krijgen het eten (een Kaap Verdiaanse stoofpot) gewoon als een soort “tafeltje dekje” mee, inclusief de wijn. De volgende dag gaan we met Hennie, Guido, Eveline en Fekke en de bemanning van een Duits jacht "on tour”. In een pick up en per voet zien we de andere kant van dit prachtige eiland, we wandelen door kleine dorpjes waar de tijd heeft stil gestaan en genieten van een stuk kust waar al honderdduizenden en waarschijnlijk miljoenen jaren de zee tegen aan beukt.


Uitgeslepen rotsen ontstaan door de zee en de wind

Na de prachtige tocht over het eiland doen we het ’s avonds bij ons aan boord nog een keer dunnetjes over. Ivo en Fenneke van de Rebel, ook inmiddels ter plaatse,  vieren hun feestje bij ons aan boord met als reden dat onze kuip zo lekker groot is ja ja.......... Guido, Eveline en Fekke haken ook nog even aan en wanneer Doreen en Matthias van het duitse jacht “Vela Bianca” met hun Engelse verstekeling Philip bij ons aan boord blijven plakken is onze grote kuip vol! en erg gezellig. We houden ons maar voor dat we deze gezellige avondjes straks tijdens de oversteek naar het Caribisch gebied wekenlang moeten ontberen en proosten alvast op iedere mijl die straks op zee wordt overwonnen. Voor ons was de oversteek van de Canarische eilanden naar de Kaap Verdische eilanden tot nu toe de langste oversteek, over een paar dagen wordt het echt menens wanneer we de oversteek van zo’n 2000 mijl naar Tobago wagen en de Atlantische Oceaan gaan oversteken. Vanuit Mindelo, de hoofdstad van het eiland Sao Vicente doen we de laatste inkopen zoals fruit en groente, klaren ons uit en vertrekken dan rond Sinterklaas om voor de kerstdagen op Tobago te zijn!


Binnen 10 seconden zit ze bij me op schoot en wil niet meer bij me weg,  
Zo’n poppie zou je toch zo meenemen......?!


Een Kaap Verdiaan die midden in de bergen in een klein dorpje zijn eigen timmerwerkplaats heeft, met uitzicht op de Atlantische oceaan. Het blijkt dat hij jarenlang op de grote vaart heeft gezeten en gewerkt heeft voor een Nederlandse reder.
terug naar begin

www.eigenwijze.nl www.zeilmakerijmolenaar.nl