Logboek archief:

• 2009
• 2008
• 2007
• 2006

• Adres en vaarroute    • De Rajac    • Bemanning    • Over Zeilmakerij Molenaar

“Then the Dutch came”- 30 maart 2009

Locatie: Culebra, Spanish Virgin’s – Puerto Rico
Positie: 18° 18.23’N, 65° 17.90’W
Weersomstandigheden: 27°C, O-NO 3-4
Logstand: 14818 mijl

“25 september 1625, met 17 schepen en 800 man komen de Hollanders “even om een bakje”  in San Juan, de hoofdstad van Puerto Rico. Erg gezellig is het niet wanneer onze voorouders het fort “San Felipe del Morro” niet kunnen veroveren en vervolgens de hele stad maar in de brand steken. Een dubieus stukje Hollands glorie..........................................?!”

De 200 mijl lange oversteek vanaf de Bahama’s naar de Dominicaanse Republiek gaat zo voorspoedig en hard dat we begin van de avond helaas al zeil moeten minderen, dit om te voorkomen dat we bij nacht en ontij de haven van Lupéron binnenlopen. Maar dan wordt het aan de horizon in het oosten langzaam licht en is het “land in zicht”. Tegemoet gekomen door de landwind worden we begroet door de heerlijke geur van houtvuur en regenwoud, is het binnenlopen tussen het rif door, o.a. dankzij de pilot van Bruce van Sant, een makkie en liggen we rond 7.30 uur achter ons anker. Dan volgt het ritueel van inklaren; we krijgen 5! man van de kustwacht aan boord die de boel “inspecteren”, op de wal mogen we bij vier verschillende “belangrijke” instanties weer de nodige rose en gele formulieren invullen en zijn we aan het einde van de rit 130 USD! lichter; “Bienvenido a Dominican Republic”!

We wassen ons zout eraf in het gratis zwembad van de jachtclub,
op de achtergrond links de Rajac voor anker in de baai van Lupéron


Bij Shaggy’s, een gezellige zeilerskroeg die gerund wordt door Sean en zijn moeder, krijgen we als nieuwkomers het eerste drankje van de zaak. Sean, die als twee druppels water lijkt op Shaggy uit de bekende tekenfilmserie Scooby Doo, is samen met zijn moeder een jaar geleden dit café begonnen in de arme buitenwijk van Lupéron vlakbij de haven. Beide zijn hier in Lupéron net als veel andere zeilers blijven hangen, getuige ook het groot aantal “live- aboards” in de baai. Je mag hier als buitenlander voor circa 20 USD per jaar onbepaalde tijd blijven, het klimaat is aangenaam en het leven is hier voor hen relatief makkelijk.

Shaggy’s, waar de uitbuiter het “goede” voorbeeld geeft en   
 zelf het eerste biertje neemt...........

Links achter de slagboom staat tussen de geiten het inklaringskantoor (container) , waar de “belangrijke” ambtenaren gevestigd zijn en buiten op een tuinstoeltje onder de boom zitten te wachten op alweer een klant.

Langs de weg naar de haven in Lupéron, een armoedige buurt waar de ontzettend vriendelijke en gastvrije mensen voornamelijk buiten op straat leven en werken en er weinig vooruitgang te merken is. Zo laat Rolf bij een schoenmakertje, gevestigd in een houten schuurtje van ca. 2 bij 1,5 meter, Sil zijn sandalen opnieuw doorstikken, een klusje van zeker een half uur die hem niets kost. Gezien de werk- en leefomstandigheden en het feit dat hier een gezin met vier kinderen van moet leven is het Rolf zeker wel een paar dollar waard en kan Sil met zijn stoere stappertjes weer even vooruit.

Sil en William van het Frans-Canadese jacht Perle d’Eau bij Shaggy’s


Lekkere straatmuziek in Lupéron tijdens een promotiefeestje van het biermerk Brahma

Toevallig lopen we hier in Lupéron ook de Amerikaanse Jannet tegen het lijf, archeologe en “live-aboard” en bereidt ons een middagje in haar grote “SUV” rond te leiden. We bezoeken o.a. het plaatsje La Isabella, de plek waar Colombus op 5 december 1493 aan de kust zijn eerste nederzetting in de Nieuwe Wereld vestigde. De overblijfselen van de oude nederzetting zijn tot slechts fundaties geminimaliseerd, doordat de oud dictator van de Dominicaanse Republiek indertijd opdracht gaf dit gebied grondig op te ruimen. Dit werd iets te letterlijk opgevat en men besloot de historische nederzetting zo in zee te schuiven.

Jannet, archeologe en onze gids

We  lunchen met Jannet bij het bekende visrestaurant Las Olivas, hier de chefkok met haar kinderen in de keuken.

men zegt dat dit de boom was waar Colombus zijn schepen aan vastknoopte; met andere woorden de eerste jachthaven in de Nieuwe Wereld

Onder dit mooie rieten dak staan de restanten van het hoofdverblijf van Colombus. Tijdens de renovatie van het museum blijkt het grootste deel van de archeologische vondsten op dubieuze wijze te zijn verdwenen, erg jammer.

Rolf wordt hier in een dubieus achterkamertje onder handen genomen door Hans, een Duitse chiropracticer die ook in Lupéron is blijven hangen. ‘s Avonds tijdens het anker ophalen in Mayaguana, vlak voor de oversteek naar de Dominicaanse, trekt Rolf de neuringlijn binnenboord waarbij de kettinghaak onverwacht losschiet en hij achterover met zijn rug op de rand van de kajuit valt. Op dat moment ziet het er ernstig uit en tijdens de oversteek naar Lupéron is Sil dan ook het enige fitte bemanningslid aan boord. Gelukkig voelt Rolf zich na drie “heerlijke” behandelingen van Hans weer een stuk beter.

Na een kleine week in Lupéron grijpen we de “weatherwindow” aan om over te steken naar Puerto Rico. Voor deze tocht wordt geadviseerd gebruik te maken van de “nightlees” langs de kust van de Dominicaanse Republiek, omdat deze de heersende oostelijke passaatwinden afzwakt en de trip daardoor iets gemakkelijker maakt. Ook adviseert men de beruchte Mona Passage tussen de Dominicaanse en Puerto Rico niet zomaar over te steken maar het juiste weerbericht af te wachten en vooral rekening te houden met de soms zeer zware onweersbuien, die ‘s avonds vanaf Puerto Rico overwaaien. Ondanks het vrij rustige weer is de 260 mijl lange motorzeiltrip naar Puerto Rico voor Sil en mij best afzien. Sinds Sil een jaar is heeft ie regelmatig last van zeeziekte, dat geldt, sinds ik zwanger ben, helaas ook voor mij.

Een welkome afwisseling tijdens de oversteek naar Puerto Rico; Bultrug walvissen! Deze prachtige dieren hebben voor de kust van het vissersdorpje Samaná in het noordoosten van de Dominicaanse Republiek hun paar- en kraamgebied

We besluiten dan ook de volgende ochtend het op het eerste gezicht fraaie baaitje bij Macao aan de oostpunt van de Dominicaanse aan te doen en hier wat slaap en eten in te halen. Foute beslissing want binnen 2 uur krijgen we tot 3 keer de autoriteiten aan boord, die ons voor 20 USD een nieuw uitklaringsbewijs proberen aan te smeren; een handgeschreven vodje papier met een paar “officiele” stempels. Uiteindelijk hebben we in Lupéron bij het uitklaren ook nog een keer 20 USD dollar betaald; volgens de “Commandante de Puerto” was het hiermee voor de gehele Dominicaanse Republiek betaald. Wij houden dan ook voet bij stuk en betalen niets meer, ook geen rum en bier en verwijzen het vodje naar de prullenbak.  Nadat er voor de 4e keer weer een gehele delegatie, dit maal in kogelvrije vesten en op smerige schoenen aan boord komt, de boot inspecteert op drugs en mensensmokkel zijn we het zat en halen we halverwege de middag het anker op en vertrekken zonder een cent betaald (we blijven Hollanders) te hebben richting de Mona Passage voor de laatste 100 mijl.

Roger, roger!

De Mona Passage houdt zich gelukkig, op een paar regenbuien na, deze nacht rustig en de volgende ochtend bereiken we na een prima oversteek de haven van Boqueron in Puerto Rico. Via het Duitse stel Klaus en Liselotte komen we in contact met Shelly van de Boqueron Travel Agency, die ons gelijk diezelfde middag nog naar het 40 mijl verder gelegen Mayaqüez rijdt, waar we ons zonder enige problemen en kosten voor Puerto Rico inklaren. Diezelfde Shelley nodigt ons twee dagen later ook uit voor een gezellig etentje bij haar thuis samen met familie en vrienden.

Shelley en Sil

Het nachtleven van Boqueron speelt zich in
het weekend grotendeels af op straat


We blijven een paar dagen in Boqueron, verkennen het nabij gelegen plaatsje Cabo Rojo, zeggen iedereen weer gedag en motorzeilen vervolgens in korte trips via Gilligan’s Island en Ponce naar Salinas. Ook hier geldt het principe van “nightlees” langs de kust, zodat we vaak vroeg in de ochtend de volgende bestemming al bereiken. In Ponce ontmoeten we het Nederlandse-Antilliaanse stel John en Mavis. Zij runt op Curacao de bar op de jachthaven bij Seru Boca en doen nu een rondje Atlantic met eventueel het plan over te steken naar de Azoren. Zij hebben met inklaren in Puerto Rico minder geluk en zitten een dag op het politiebureau te zweten. Het blijkt dat zij beide geen Amerikaans visum hebben maar dankzij John z’n vlotte babbel komen ze er slechts met 17 USD! vanaf. Een Spanjaard heeft minder geluk en krijgt een boete van 5000 USD. In de Dominicaanse hadden John en Mavis het geluk echter niet mee toen ze in Santo Dominigo aan de zuidkust voor 700 dollar werden getild.

“And then more Dutch came..............”wanneer we in Salinas naast John en Mavis ook de Laaxum met Aukje en Lars en hun twee kinderen Silke en Jet treffen en Judith en Erik van de Serendipity met hun kroost Celine en Dayton. De Laaxum is onderweg naar New York, Judith en Erik wonen al vijf jaar in Salinas, hebben onlangs een oude Bruce Roberts gekocht en maken deze boot klaar voor een lange trip rond de wereld. Het is een gezellig gebeuren en de speeltuin op de haven is een paar dagen druk bevolkt door vijf Hollandse witkoppen.

In Salinas huren we voor slechts 30 dollar per dag een auto en bezoeken het oude historische gedeelte van de hoofdstad San Juan. Old San Juan is een stad binnen een stad, een enclave die vroeger door stadsmuren en het machtige fort San Felipe del Morro werd beschermd. We bezoeken dan ook dit 6 verdiepingen hoge indrukwekkende fort, die rond 1600 menige aanval van de Hollanders en Engelsen weerstond.

Uitzicht vanaf het fort San Felipe del Morro

Wij en de “ballen” van El Morro

25 september 1625, aanval van de Hollanders op San Felipe del Morro

De volgende dag gaan we met de auto naar het circa 1300 meter hoog gelegen regenwoud “Toro Negro”. De trip is via de bochtige en smalle weggetjes prachtig en het uitzicht is spectaculair totdat Sil wel erg wit begint te zien en de achterbank van een “heerlijk” zuur goedje voorziet. We besluiten, ook gezien mijn vorm, maar geen ingewikkelde jungletochten te maken, bezoeken even kort het visitorcentre en het uitkijkpunt en rijden via de snelste route via de Walmart en de speeltuin weer terug naar de boot.

Mooi uitzicht over Puerto Rico vanaf het uitkijkpunt bij het “Toro Negro Forest”

‘s Avonds is het bij Erik en Judith met de Laaxum, de Rajac en de familie uit Den Helder volle bak aan boord en weer ouderwets gezellig. De volgende ochtend zeggen wij iedereen weer gedag en varen via een stop bij Punta Patillas naar Culebra, een van de Spaanse Maagdeneilanden behorende bij Puerto Rico.

Judith met haar kroost

De Laaxum voor anker in de baai van Salinas

Wordt vervolgd!

terug naar begin

www.eigenwijze.nl www.zeilmakerijmolenaar.nl